Door de huidige situatie in het Midden-Oosten zijn de brandstofprijzen gestegen. Deze prijsstijging heeft meer impact op de totale kosten van het goederenvervoer dan op de kosten van de personenmobiliteit. Dit komt doordat het aandeel brandstofkosten in de totale kosten groter is bij het goederenvervoer dan bij personenmobiliteit. Het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (KiM) heeft het brandstofverbruik voor mobiliteit in Nederland in kaart gebracht. Ook onderzocht het KiM hoe groot het aandeel van verschillende vervoermiddelen daarin is en hoe mensen mogelijk hun reisgedrag aanpassen door de hogere prijzen. Daarnaast heeft het KiM een tijdelijke monitor ontwikkeld die een inschatting geeft van de toegenomen kosten voor verschillende vervoerwijzen.
Download: Notitie - Brandstofconsumptie voor mobiliteit - de gevolgen van prijsveranderingen
Download: Monitor energieschok – week 22, 2026
Prijsgevoeligheid leidt tot afname gebruik aardolieproducten
Nederland is een doorvoerland voor aardolieproducten en -grondstoffen. Een groot deel van wat wordt ingevoerd, wordt ook weer uitgevoerd, soms nadat het is verwerkt in raffinaderijen. Van het deel dat in Nederland zelf wordt gebruikt, gaat een groot deel naar mobiliteit, zoals wegverkeer, maar ook internationale lucht- en zeevaart. Dit aandeel bedraagt 64%.
Reductie van het verbruik van aardolieproducten door mobiliteit ontstaat deels door de prijsgevoeligheid van consumenten en vervoerders. Dat wil zeggen: hoe hoger de reis- of de transportkosten, hoe minder mobiliteit en transport. Prijselasticiteiten geven een indicatie van deze effecten. Een verdere vermindering van het gebruik van aardolieproducten door mobiliteit moet de overheid indien nodig via maatregelen realiseren.
Kosten voor alle vervoerwijzen toegenomen
Door de gestegen brandstofprijzen worden alle vervoerwijzen geconfronteerd met hogere kosten. Een automobilist met een gemiddelde middenklasse personenauto is met de brandstofprijzen in week 22 (24-31 mei) ongeveer 2,7% meer kwijt per km dan begin februari 2026. Dat komt neer op ongeveer €4,42 per week. In het goederenvervoer is de toename voor de meeste vervoerwijzen relatief gezien sterker door het hogere aandeel van de brandstofkosten in de totale kosten en doordat sommige brandstoffen, zoals stookolie voor de zeevaart en kerosine voor de luchtvaart, sterker in prijs zijn gestegen dan benzine. Een vrachtauto is bijvoorbeeld 3,2% meer kwijt per tonkm, terwijl de kosten per tonkm voor een containerschip in de zeevaart 21,0% zijn toegenomen. Omgerekend komt dit neer op ongeveer €119,- extra kosten per week voor een vrachtauto en €52.000,- voor een containerschip.
Medeauteurs notitie 'Brandstofconsumptie voor mobiliteit': Toon Zijlstra en Saeda Moorman