Personenmobiliteit
Zie toelichting in het Thema Personenmobiliteit
|
Personenmobiliteit1 |
Bron |
2015 |
2016 |
2017 |
2018 |
2019 |
2020 |
2021 |
2022 |
2023 |
2024 |
2025 |
|
Mobiliteit in Nederland (mld km)1 |
OViN/ODiN2 |
196,1 |
197,8 |
199,0 |
200,9 |
202,8 |
142,7 |
155,2 |
172,7 |
185,0 |
190,8 |
193,6 |
|
Autobestuurder |
OViN/ODiN2 |
98,0 |
99,0 |
99,9 |
101,2 |
102,5 |
75,7 |
79,7 |
87,6 |
93,1 |
96,0 |
97,6 |
|
Autopassagier |
OViN/ODiN2 |
38,6 |
38,6 |
38,4 |
38,3 |
38,2 |
26,1 |
30,2 |
33,1 |
34,8 |
35,9 |
36,2 |
|
Openbaar vervoer3 |
OViN/ODiN2 |
27,4 |
27,7 |
28,1 |
28,5 |
29,0 |
12,4 |
13,4 |
19,5 |
24,0 |
25,1 |
25,5 |
|
Fiets |
OViN/ODiN2 |
17,0 |
17,2 |
17,4 |
17,6 |
17,8 |
15,2 |
16,0 |
17,0 |
17,8 |
18,3 |
18,5 |
|
Aandeel e-fiets |
OViN/ODiN2 |
12% |
14% |
17% |
20% |
23% |
29% |
33% |
36% |
38% |
42% |
45% |
|
Lopen |
OViN/ODiN2 |
5,0 |
5,0 |
5,1 |
5,1 |
5,1 |
6,7 |
8,1 |
7,2 |
6,8 |
7,0 |
7,1 |
|
Overig (incl. bromfiets) |
OViN/ODiN2 |
10,2 |
10,2 |
10,2 |
10,2 |
10,2 |
6,7 |
7,8 |
8,2 |
8,5 |
8,7 |
8,8 |
|
Trein3 (mld km) |
CROW-KpVV4,5 |
18,6 |
18,9 |
19,2 |
19,6 |
20,3 |
8,8 |
9,3 |
14,2 |
16,5 |
17,2 |
17,1 |
|
Bus, tram, metro3 (mld km) |
CROW-KpVV4 |
5,1 |
5,2 |
5,4 |
5,4 |
5,6 |
2,9 |
3,0 |
4,3 |
4,7 |
5,0 |
5,0 |
|
Luchtvaart (mld km inwoners van Nederland) |
Schiphol6/CBS/KiM |
83,9 |
89,1 |
96,0 |
103,4 |
106,2 |
24,8 |
35,7 |
79,9 |
93,9 |
108,7 |
114,7 |
|
Luchtvaart (mln passagiersbewegingen op Nederlandse luchthavens) |
CBS |
64,6 |
70,3 |
76,2 |
79,6 |
81,2 |
23,6 |
29,1 |
61,3 |
71,3 |
76,2 |
78,4 |
|
Aandeel transferpassagiers op Nederlandse luchthavens |
Schiphol |
35,6% |
34,2% |
33,2% |
32,6% |
31,9% |
37,2% |
38,3% |
31,4% |
31,5% |
31,8% |
32,1% |
|
% Thuiswerkers (aandeel werkenden dat 1 uur of meer thuiswerkt per week) |
MPN |
30% |
30% |
33% |
32% |
33% |
45% |
45% |
44% |
43% |
44% |
45% |
|
Totale reisduur mobiliteit in Nederland (mld uur) |
OViN/ODiN |
6,9 |
7,0 |
7,0 |
7,0 |
7,0 |
6,0 |
6,7 |
7,0 |
7,2 |
7,4 |
7,5 |
1 De gegevens in de kerncijfertabel hebben betrekking op het Nederlandse grondgebied, met uitzondering van de afgelegde afstand bij luchtvaart.
2 De door inwoners (6 jaar en ouder) van particuliere huishoudens in Nederland afgelegde afstand (‘mobiliteit’). Bewoners van instellingen, inrichtingen en tehuizen zijn niet in de steekproef opgenomen. Het CBS heeft de opzet van het mobiliteitsonderzoek in 2018 aanzienlijk gewijzigd (het heet sindsdien Onderzoek Onderweg in Nederland, ODiN), waarbij een methodebreuk is ontstaan. Deze methodebreuk tussen OViN en ODiN heeft het CBS, in samenwerking met het KiM, in 2020 met een trendmodel gecorrigeerd. In deze Kerncijfers Mobiliteit is de reeks voor de periode 2015-2025 gebruikt (zie ook Boonstra en Van den Brakel (2026)). Zie bijlage 1 voor meer informatie.
3 Het totaal voor ‘openbaar vervoer’ is niet gelijk aan de som van ‘trein’ en ‘bus, tram, metro’. Dit komt doordat de gegevens afkomstig zijn uit verschillende databronnen. Voor de uitsplitsing van de totale mobiliteit gebruikt het KiM OViN/ODiN, de enige bron die uniform meet over alle vervoerwijzen en optelbaar is tot 100%. Voor analyses binnen de ov-markt gebruikt het KiM ook andere databronnen.
4 Reizigerskilometers van alle reizigers (dus ook bijvoorbeeld van reizigers die geen inwoner van Nederland zijn) in het concessiegebonden openbaar vervoer binnen Nederland.
5 De cijfers van het hoofdrailnet (HRN) (>90% van de door treinreizigers afgelegde afstand) bevatten een aantal trendbreuken. Zowel in 2020, 2022 als in 2024 is het meetsysteem van een deel van de afgelegde afstand door treinreizigers gewijzigd. Daarnaast is in 2025 de nieuwe HRN-concessie gestart, die niet exact dezelfde reikwijdte heeft als de voorgaande HRN-concessie. Hierdoor zijn de gegevens tussen opeenvolgende jaren niet goed vergelijkbaar. Zie paragraaf 1.4 voor een nadere duiding van de ontwikkeling in afgelegde afstand door treinreizigers.
6 Berekeningen mede op basis van data van de ‘Routes and Profile Monitor’ van Schiphol Group (2026). Vanaf 2023 berekenen we de afgelegde vliegafstand met een correctiefactor voor het gegeven dat vliegen niet via de ideale lijn (great circle distance) van A naar B gebeurt. Deze correctiefactor is berekend op basis van gegevens van Eurocontrol over alle vluchten vanuit Nederland. Om een trendbreuk te vermijden is de gehele tijdreeks aan de hand hiervan berekend, dus ook de jaren vóór 2023.
Goederenvervoer
Ga voor toelichting naar Thema Goederenvervoer.
|
Goederenvervoer |
Bron |
2015 |
2016 |
2017 |
2018 |
2019 |
2020 |
2021 |
2022 |
2023 |
2024 |
2025 |
|
Goederenvervoersprestatie op Nederlands grondgebied (mld tonkm) |
CBS/KiM |
137,0 |
141,1 |
139,9 |
136,7 |
137,1 |
129,5 |
133,9 |
130,6 |
121,1 |
125,4 |
124,3 |
|
Weg (excl. bestelauto's) |
CBS |
50,8 |
53,7 |
53,1 |
54,0 |
55,9 |
55,6 |
56,8 |
55,6 |
52,9 |
55,0 |
54,2 |
|
Binnenvaart |
CBS |
47,3 |
47,9 |
48,3 |
46,2 |
46,5 |
44,1 |
46,7 |
44,6 |
41,7 |
42,5 |
42,5 |
|
Spoor |
CBS |
6,5 |
6,6 |
6,7 |
7,1 |
7,1 |
6,7 |
7,2 |
7,2 |
6,5 |
6,3 |
6,1 |
|
Buisleiding |
CBS |
32,4 |
32,9 |
31,8 |
29,4 |
27,7 |
23,1 |
23,3 |
23,2 |
20,0 |
21,7 |
21,5 |
|
Vervoerd gewicht op Nederlands grondgebied (mln ton) |
CBS |
2.069 |
2.108 |
2.131 |
2.134 |
2.148 |
2.041 |
2.133 |
2.113 |
1.974 |
1.991 |
1.982 |
|
Waarvan overslag luchtvracht |
CBS |
1,7 |
1,7 |
1,8 |
1,8 |
1,7 |
1,6 |
1,8 |
1,5 |
1,4 |
1,5 |
1,5 |
|
Waarvan overslag zeevracht |
CBS |
620 |
613 |
628 |
635 |
639 |
582 |
619 |
626 |
577 |
571 |
571 |
NB: Voorlopige gegevens zijn cursief.
De gegevens over de vervoersprestatie zijn afkomstig uit het geharmoniseerd goederenvervoerbestand van het CBS.
Bereikbaarheid
Ga voor toelichting naar Thema Bereikbaarheid.
|
Bereikbaarheid |
Bron |
2015 |
2016 |
2017 |
2018 |
2019 |
2020 |
2021 |
2022 |
2023 |
2024 |
2025 |
|
Bereikbaarheid van banen met auto (index, 2018 = 100)1 |
Significance |
- |
- |
- |
100 |
- |
- |
- |
109 |
- |
109 |
- |
|
Bereikbaarheid van banen met ov (index, 2018 = 100)1 |
Significance |
- |
- |
- |
100 |
- |
- |
- |
109 |
- |
112 |
- |
|
Bereikbaarheid van banen met fiets (index, 2018 = 100)1 |
Significance |
- |
- |
- |
100 |
- |
- |
- |
110 |
- |
113 |
- |
|
Wegverkeer totaal (mld voertuigkm)2 |
CBS |
- |
- |
- |
135,3 |
135,4 |
119,7 |
123,4 |
129,9 |
134,1 |
137,3 |
138,0 |
|
Waarvan personenauto’s |
CBS |
- |
- |
- |
108,9 |
108,2 |
93,6 |
96,2 |
102,0 |
106,3 |
109,3 |
109,9 |
|
Wegverkeer op HWN (mld voertuigkm)3 |
RWS-WVL |
67,8 |
69,9 |
71,1 |
72,4 |
72,9 |
61 |
63,6 |
67,4 |
69,4 |
71,3 |
71,7 |
|
Reistijdverlies op HWN (mln uur)4 |
RWS-WVL |
86,7 |
95,8 |
98,4 |
103,4 |
110,6 |
43,6 |
50,3 |
77,3 |
96,4 |
101,3 |
96,9 |
|
Treinverkeer totale spoornet (mln treinkm)6 |
Prorail |
145 |
147 |
149 |
153 |
153 |
140 |
148 |
145 |
140 |
147 |
151 |
|
Gemiddelde vertraging per treinreis (minuten) op het HRN7 |
NS |
2,2 |
2,0 |
2,0 |
1,7 |
1,7 |
1,5 |
1,3 |
1,9 |
2,2 |
2,2 |
1,9 |
NB: Voorlopige gegevens zijn cursief. In het vierde kwartaal 2027 worden ze herzien.
1 Gegevens zijn overgenomen uit Mobiliteitsbeeld 2025 (KiM, 2025). Er is geen update voor het jaar 2025 beschikbaar. De index beschrijft de ontwikkeling van de gemiddelde bereikbaarheid van banen in Nederland en is gebaseerd op de doorontwikkelde bereikbaarheidsindicator in de Integrale Mobiliteitsanalyse (IMA) 2021 (RWS, 2021). Het betreft het ‘aantal banen dat binnen een redelijke reistijd met auto, ov of fiets vanuit een bepaald gebied bereikbaar is’. Er is een zogenoemde reistijdvervalfunctie toegepast, waarbij bestemmingen gelegen op korte reistijd zwaarder meewegen dan bestemmingen die een lange reistijd hebben.
2 Dit betreft een schatting van de op Nederlands grondgebied afgelegde afstand door wegvoertuigen (personenauto’s, bestelauto’s, zware vrachtvoertuigen, bussen en campers) op basis van kilometerstandregistraties door CBS. Motorfietsen en bromfietsen ontbreken in dit totaal. Door wijzigingen in de populatie en schattingsmethode wijken de waarden van deze indicator af van eerder gepubliceerde waarden. Er zijn geen herziene waarden beschikbaar voor de periode 2015-2017.
3 De totaal op het hoofdwegennet (HWN) in Nederland afgelegde afstand door gemotoriseerde voertuigen. Deze indicator neemt de afgelegde afstand van motoren (anders dan de indicator ’wegverkeer totaal’) wel mee.
4 Reistijdverlies is het verschil tussen de werkelijke reistijd en de reistijd bij 100 kilometer per uur van alle weggebruikers op het hoofdwegennet (HWN). Sinds 1 januari 2023 worden de gegevens waarmee de omvang van het wegverkeer en het reistijdverlies op het HWN worden berekend op een nieuwe manier ingewonnen. Dit resulteerde voor het reistijdverlies in een methodebreuk (voor de omvang van het wegverkeer niet). De waarden voor 2023-2025 in deze tabel zijn gebaseerd op de nieuwe inwinmethode; de waarden voor eerdere jaren zijn met een correctiefactor aangepast aan de nieuwe methode. In Mobiliteitsbeeld 2025 maakten we voor het eerst gebruik van de nieuwe inwinmethode. De reistijdverliezen in deze tabel zijn daarom niet te vergelijken met de reistijdverliezen in eerdere edities van Kerncijfers. Voor meer informatie over de nieuwe inwinmethode verwijzen we naar RWS (2025). Naast de methodebreuk speelt nog dat op 3 dagen in 2024 en 1 dag in 2025 het reistijdverlies niet is gemeten. Dit veroorzaakt een kleine onnauwkeurigheid in de totaalwaarde voor die jaren.
6 Het treinverkeer op het gehele spoornet omvat de in Nederland gereden afstand door personentreinen inclusief de afstand op het HSL-traject.
7 Gemiddelde vertraging per treinreis=Totale vertraging van alle reizigers / (Aantal treinreizen van reizigers met vertraging + aantal treinreizen van reizigers zonder vertraging).
Verkeersveiligheid en Leefomgeving
Ga voor toelichting naar Thema Verkeersveiligheid en Leefomgeving
Verkeersveiligheid
|
Verkeersveiligheid |
Bron |
2015 |
2016 |
2017 |
2018 |
2019 |
2020 |
2021 |
2022 |
2023 |
2024 |
2025 |
|
Verkeersdoden |
CBS |
621 |
629 |
613 |
678 |
661 |
610 |
582 |
745 |
684 |
675 |
759 |
|
Waarvan fietsers |
185 |
189 |
206 |
228 |
203 |
229 |
207 |
290 |
270 |
246 |
281 | |
|
Waarvan inzittenden personenauto |
224 |
231 |
201 |
233 |
237 |
195 |
175 |
221 |
194 |
220 |
228 | |
|
Ernstig verkeers-gewonden (MAIS3 en hoger) |
SWOV |
6.000 |
6.400 |
6.500 |
6.800 |
6.900 |
6.600 |
6.800 |
8.300 |
7.400 |
7.800 |
NNB |
|
Matig ernstig verkeers-gewonden (MAIS2) |
SWOV |
14.800 |
15.300 |
14.700 |
15.900 |
16.300 |
15.400 |
16.200 |
19.900 |
18.300 |
18.800 |
NNB |
Leefomgeving
|
Energiegebruik per vervoerwijze |
Bron |
2015 |
2016 |
2017 |
2018 |
2019 |
2020 |
2021 |
2022 |
2023 |
2024 |
2025 |
|
Wegverkeer benzine |
CBS |
161 |
165 |
171 |
175 |
180 |
152 |
157 |
161 |
179 |
181 |
178 |
|
Wegverkeer diesel |
CBS |
220 |
215 |
225 |
230 |
227 |
193 |
192 |
183 |
181 |
174 |
161 |
|
Wegverkeer lpg |
CBS |
8,0 |
7,6 |
6,8 |
6,2 |
5,8 |
4,9 |
4,9 |
5,2 |
5,0 |
5,4 |
4,8 |
|
Wegverkeer elektriciteit |
CBS |
0,6 |
0,8 |
1,0 |
1,4 |
1,9 |
2,4 |
3,9 |
5,9 |
7,9 |
9,9 |
12,3 |
|
Spoorverkeer diesel |
CBS |
1,2 |
1,2 |
1,2 |
1,0 |
0,9 |
0,9 |
0,8 |
0,9 |
1,0 |
0,9 |
1,3 |
|
Spoorverkeer elektriciteit |
CBS |
5,9 |
6,1 |
6,2 |
6,4 |
6,5 |
5,9 |
5,9 |
6,1 |
6,0 |
6,1 |
6,2 |
|
Binnenvaart diesel |
CBS |
48 |
47 |
48 |
47 |
48 |
45 |
47 |
48 |
46 |
46 |
44 |
|
Zeevaart diesel |
CBS |
52 |
54 |
54 |
51 |
50 |
53 |
53 |
63 |
43 |
39 |
44 |
|
Zeevaart stookolie |
CBS |
411 |
416 |
393 |
378 |
385 |
400 |
379 |
377 |
442 |
397 |
377 |
|
Zeevaart aardgas |
CBS |
0 |
0 |
0 |
1 |
3 |
5 |
5 |
3 |
9 |
16 |
21 |
|
Luchtvaart kerosine |
CBS |
160 |
164 |
168 |
170 |
167 |
93 |
102 |
134 |
143 |
151 |
153 |
NB: Voorlopige gegevens zijn cursief. Het energiegebruik is op basis van tanken en laden in Nederland.
|
Leefomgeving (wegverkeer) |
Bron |
2015 |
2016 |
2017 |
2018 |
2019 |
2020 |
2021 |
2022 |
2023 |
2024 |
2025 |
|
Broeikasgassen (IPCC) wegverkeer (megaton CO2-equivalenten) |
CBS |
28,0 |
28,2 |
29,0 |
29,1 |
28,7 |
24,4 |
24,5 |
24,2 |
25,4 |
24,1 |
23,4 |
|
NOx wegverkeer (mln kg) |
CBS |
79,4 |
79,2 |
76,9 |
77,4 |
72,0 |
58,9 |
57,5 |
56,6 |
53,5 |
51,1 |
47,3 |
|
PM10-verbranding wegverkeer (mln kg) |
CBS |
1,5 |
1,4 |
1,3 |
1,3 |
1,1 |
0,9 |
0,8 |
0,8 |
0,7 |
0,7 |
0,6 |
|
PM10-slijtage wegverkeer (mln kg) |
CBS |
2,6 |
2,7 |
2,7 |
2,8 |
2,8 |
2,5 |
2,6 |
2,8 |
2,9 |
2,9 |
3,0 |
|
Aantal personenauto’s (duizenden) |
CBS |
- |
- |
- |
8.443 |
8.584 |
8.686 |
8.828 |
8.917 |
9.067 |
9.248 |
9.416 |
|
Waarvan aandeel volledig elektrisch |
CBS/ RVO |
- |
- |
- |
0,5% |
1,2% |
2,0% |
2,7% |
3,6% |
4,8% |
6,0% |
7,2% |
|
Aantal bestelauto’s (duizenden) |
CBS |
- |
- |
- |
903 |
927 |
945 |
975 |
990 |
1.006 |
1.051 |
1.023 |
|
Waarvan aandeel volledig elektrisch |
CBS/ RVO |
0,4% |
0,5% |
0,6% |
0,9% |
1,4% |
2,4% |
3,4% |
5,1% | |||
|
Aantal vrachtauto’s (incl. trekkers voor opleggers) (duizenden) |
CBS |
- |
- |
- |
140 |
142 |
141 |
143 |
146 |
148 |
151 |
150 |
|
Waarvan aandeel volledig elektrisch |
CBS/ RVO |
0,06% |
0,07% |
0,08% |
0,12% |
0,18% |
0,45% |
0,80% |
1,43% |
NB: Voorlopige gegevens zijn cursief.
De voertuigaantallen en -aandelen gelden voor 31 december van het betreffende jaar.
